Apis cerana japonica

Uit Imkerpedia
Ga naar: navigatie, zoeken

Introductie

De Apis cerana japonica is de van oorsprong in Japan voorkomende ondersoort van de Apis cerana. In 1877 is echter ook onze Apis mellifera in Japan ingevoerd. De beide soorten leven naast elkaar, waarbij de japonica vooral in de bergen (minder mellifera) en ook in de steden (minder hoornaars) goed weet stand te houden. Opmerkelijk: in de zomer is de japonica geler dan in de winter.

De traditionele imkerij met de japonica

In de traditionele imkerij werd/wordt in Japan gebruik gemaakt van vierkante gespijlde kastdelen.

De mellifera is in Japan inmiddels de honingbij waar het meest mee wordt geïmkerd, maar er wordt ook nog steeds met de japonica geïmkerd. Traditioneel werd/wordt de japonica gehouden in tamelijk kleine gespijlde vierkante stapelbakken. Zodra nodig / mogelijk wordt (net als bij Warré kast) onderaan een kastdeel bijgezet en/of bovenaan een kastdeel geoogst. Om een bovenste kastdeel te kunnen oogsten moet wel eerst met een draad de van boven naar beneden doorlopende raat worden doorgesneden. Vanwege de spijlen (en bouw aan de kastwanden) vallen de in de onderste bakken hangende raatdelen dan niet naar beneden.

De aldus in de bovenste bak geoogste honing wordt niet geslingerd, maar geperst.

De door deze werkwijze manier van voordurende raatvernieuwing past goed bij de cerana aangezien de cerana-koningin alleen eitjes legt in nieuwe raat. In onderstaand filmpje zien we deze werkwijze:

(In de aan/uit te zetten ondertiteling wordt een nadere toelichting gegeven.)

Per drachtgebied evenveel rendement

Volgens imker Fujio Hisashi[1] is het geheel niet erg dat één japonica-volk minder honing geeft dan één volk van onze westerse Apis mellifera, ze gebruikt daartoe immers ook een veel kleiner drachtgebied. Je kunt per drachtgebied dus veel meer japonica-volken kwijt, die dan samen net zo veel honing opleveren als de grotere Apis mellifera volken.

Verdediging tegen de verschillende soorten japanse hoornaars

In Japan komen verschillende soorten hoornaars voor. De japonica reageert anders op de gele hoornaar Vespa simillima dan op de Vespa mandarinia (dat de grootste soort hoornaar is). Met name de buitengewone reactie op de laatste heeft de japonica veel bekendheid gebracht.

Verdediging tegen de grote Vespa mandarina

Apis cerana japonica overweldigt en doodt een hoornaar.

Indien zo'n Vespa mandarinia het bijenvolk nadert laat het een specifiek feromoon los als jachtsignaal. Deze wordt echter ook waargenomen door de japonica en is voor hen juist een signaal om de verdediging te regelen. Eerst verzamelen de bijen zich dan met honderden tegelijk bij een nestingang, maar vervolgens doen ze nog niets totdat de hoornaar geheel binnen is. Zodra dat het geval is ballen (zo'n 500) bijen de hoornaar ineens geheel in zodat de hoornaar in ieder geval niet meer weg kan.

Daarna beginnen de bijen met hun vleugelspieren te trillen om zo de temperatuur binnen de bal op te laten lopen tot ongeveer 45,9°C. Bovendien neemt de concentratie CO2 in de bal toe tot (3.6 ± 0.2%). Gaandeweg maakt de hoornaar nog wel bijenslachtoffers, maar de hoornaar wordt aldus binnen zo'n 5 minuten gedood (hoewel de bal ook daarna nog wel even actief blijft)[2]. De dode hoornaar kan in ieder geval geen andere hoornaars meer attenderen op het bijenvolk (waarna er een voor het bijenvolk vaak dodelijke massa-aanval zou zijn gekomen). Een en ander is in onderstaand filmpje te zien.

(Dit filmpje bevat een aan/uit te zetten ondertiteling.)

Verdediging tegen de gele Vespa simillima

Als een gele hoornaar Vespa simillima het japonica volk nadert, dan reageert de japonica geheel anders. Ze gaan dan juist naar buiten, stellen zich op in rijen, en proberen dan de gele hoornaar af te schrikken met geluid van hun vleugels. De gele hoornaar pikt er, al vliegend voor de ingang van het volk, af en toe eentje uit. Op het grote totaal van een bijenvolk is dat veel minder een bedreiging dan de massa-aanval van de Vespa mandarinia.


Als onze westerse Apis mellifera door deze hoornaars wordt aangevallen dan heeft deze veel minder verweer. Onze Apis mellifera vraagt in Japan dus meer beschermende maatregelen tegen deze hoornaars (zoals toegangsbelemmeringen die groot genoeg zijn voor de bijen, maar te klein voor de hoornaars). Zonder imkers zouden deze volken het in Japan uiteindelijk waarschijnlijk niet redden.

Darren als bestuivers

Ook de darren van de japonica blijken een bepaalde orchidee (Cymbidium pumilum) te bestuiven[3]. Uiteraard gaat dit meer om een bepaalde eigenschap van die orchidee, dan om 'afwijkend' gedrag van deze darren. Blijkbaar scheidt deze orchidee geurstoffen af die veel lijken op cerana-koninginnenstof, en dit trekt naast werkbijen ook darren aan. Deze orchidee wordt daarom ook wel gebruikt bij zwermvallen.

Werkbijen en darren van onze westerse Apis mellifera laat deze reactie op deze orchidee níet zien.

Voetnoten

  1. f.Hisashi. Profitable beekeeping with Apis cerana. Bees for Development Journal (94, 2010), blz. 8 - 11.
  2. Michio Sugahara and Fumio Sakamoto. Heat and carbon dioxide generated by honeybees jointly act to kill hornets. Naturwissenschaften, Volume 96, Number 9, 1133-1136
  3. M. Sasaki, M. Ono, S. Asada and T. Yoshida. Oriential orchid (Cymbidium pumilum) attracts drones of the Japanese honeybee (Apis cerana japonica) as pollinators. Cellular and Molecular Life Sciences Volume 47, Numbers 11-12, 1229-1231