Apis nigrocincta

Uit Imkerpedia
Ga naar: navigatie, zoeken
Het verspreidingsgebied van de Apis nigrocincta.

De honingbijensoort Apis nigrocincta werd al in 1861 beschreven en van een wetenschappelijke naam voorzien door Frederick Smith (1805-1879)[1].

De Apis nigrocincta komt voor op het Filipijnse eiland Mindanao, en de Indonesiche eilanden Sulawesi en Sangihe.

Pas vrij recent[2][3][4] is men op grond van uiterlijke onderscheidende kenmerken en op grond van genetische verschillen tot de conclusie gekomen dat dit geen ondersoort[5] van de Apis cerana (de Aziatische honingbij) betreft, maar een geheel eigen aparte soort.

Net als onze Apis mellifera (de Westerse honingbij) en de Apis cerana is ook de Apis nigrocincta een holbewoner.

Opmerkelijk genoeg komen de Apis nigrocincta en de Apis cerana van nature in sommige gebieden naast elkaar voor. Kwa gedrag en uiterlijk lijken deze beide soorten honingbij veel op elkaar, maar toch vindt er niet of nauwelijks hybridisatie plaats. Dit komt niet door fysieke belemmeringen. Zo is de bouw van de penis van de darren van de beide soorten overeenkomend. Een belangrijke verklaring kan worden gevonden in de verschillende tijdstippen van de bruidsvluchten. Die van de Apis nigrocincta zijn later op de dag zijn dan die van de apis cerana en er is nauwelijks overlap[3]. En zo zijn er in dit geval wellicht nog andere vormen van reproductieve isolatie (wellicht sperma preferentie?).

De kop van de Apis nigrocyncta

De Apis nigrocincta en de Apis cerana lijken dus veel op elkaar, maar de Apis cerana is kleiner en donkerder. De Clypeus[6] en de poten van de Apis nigrocincta zijn geler.

Andere verschillen:

  • Gedurende het popstadium hebben de darrencellen van de Apis cerana een afsluiting van was met daarin een tunneltje van een kleine halve millimeter breed. De "gesloten" darrencellen van de Apis nigrocincta hebben een grotere opening (en zonder dat er sprake is van een tunneltje).
  • Koninginnen van de Apis nigrocincta leggen veel meer darreneitjes dan die van de Apis cerana.
  • De Apis cerana en de Apis nigrocincta fourageren op verschillende momenten van de dag op stuifmeel.

De koninginnen van de Apis nigrocincta paren met buitengewoon veel (zo'n 40 ± 11) darren[7].

Ook de Apis nigrocincta is gastheer voor een soort varroamijt, te weten de Varroa underwoodi.


Voetnoten

  1. F.Smith. Catalogue of Hymenopterous insects collected by Mr. A.R. Wallace in the islands of Ceram, Celebes, Ternate and Gilolo. Journal and Proceedings of the Linnean Society of London (Zoology). 6:36-66., 1861.
  2. S.Hadisoesilo, G.W.Otis, M.Meixner. Two distinct populations of cavity-nesting honey bees (Hymenoptera: Apidae) in South Sulawesi, Indonesia. Journal of the Kansas Entomology Society, 1995, 68 (4): 399–407.
  3. 3,0 3,1 S.Hadisoesilo, G.W.Otis. Drone flight times confirm the species status of Apis nigrocincta Smith, 1861 to be a species distinct from Apis cerana F, 1793, in Sulawesi, Indonesia. Apidologie (1996) 27, 361-369.
  4. D.R.Smith, L.Villafuerte, G.Otis, M.R.Palmer. Biogeography of Apis cerana F. and A. nigrocincta Smith: insights from mtDNA studies. Apidologie (2000) 31 (2): 265–280.
  5. Binnen Imkerpedia onderscheiden we soorten, ondersoorten (rassen), stammen en lijnen.
  6. Het gedeelte van de kop onder de antennen, maar boven de kaken.
  7. K.Palmer, B.Oldroyd, P.Franck, S.Hadisoesilo. Very high paternity frequency in Apis nigrocincta. Insectes Sociaux December 2001, Volume 48, Issue 4, 327-332.