Fluweelboom

Uit Imkerpedia
Ga naar: navigatie, zoeken

(Rhus typhina)

Omschrijving en kenmerken

De karakteristieke parasolvorm van de fluweelboom.
Bijen op een vrouwelijke bloem.

De fluweelboom komt oorspronkelijk uit Noord-Amerika, waar de soort voorkomt in rotsachtige, zanderige gebieden en op opengevallen plaatsen in het bos. De boom komt steeds meer in Nederland in het wild voor, vooral in de omgeving van de stad.

De fluweelbloom vormt een bijna kaarsrechte dunne stam of verscheidene stammen. De boom heeft zacht behaarde twijgen en na de bloei vormen de vruchten rode pluimen. Het tot 15 cm lange blad is onevengeveerd en heeft zes tot zeven bladparen. De blaadjes zijn getand. De bladeren hebben een mooie, rode tot diepgele herfstkleur.

Mannelijke en vrouwelijke bloemen zitten op afzonderlijke bomen en bloeien in juni en juli met geelgroene, kaarsachtige pluimen bestaande uit merdere kleine bloemetjes. De vrouwelijke bloemen vormen een 10-20 cm lange, dichte, donsige, kaarsachtige pluim. De mannelijke bloemen vormen een grotere ijlere pluim. De vruchten zijn bordeauxrood. De fluweelboom dankt zijn naam aan de fluweelzachte vruchtpluimen. De fluweelboom wordt echter ook wel azijnboom genoemd vanwege zijn zure vruchten.

De plant vormt worteluitlopers en kan daardoor andere planten overwoekeren.

Gedroogde pluimen worden ook wel gebruikt als brandstof in de beroker.

Mannelijke bloem.
Bevruchte (dus vrouwelijke) bloem.



Pollen informatie

  • Familie  : pruikenboomfamilie (Anacardiaceae)


Verwijzingen en bronnen