Invoeren van een koningin

Uit Imkerpedia
Ga naar: navigatie, zoeken

Het invoeren van een koningin betreft het in een bestaand bijenvolk invoeren van een nieuwe koningin.

Dat kan nodig zijn nadat er spontaan iets is misgegaan met de oude koningin, maar meestal gebeurt dit naar aanleiding van het willen invoeren van koninginnen uit koninginnenteelt. In het laatste geval maakt de imker zelf eerst het volk hopeloos moerloos om daarna een nieuwe koningin in te kunnen voeren.

Het ontvangende volk moet hoe dan ook moerloos zijn omdat het anders geen nieuwe koningin zal accepteren, maar bij voorkeur is het volk dus zelfs hopeloos moerloos, dat vergroot de kansen op aanname aanzielijk.

Het is niet verstandig om een nieuwe koningin zomaar plompverloren tussen het volk te zetten. Nieuwe koningin en volk kunnen het beste geleidelijk met elkaar in contact komen.

Er zijn verschillende methoden voor het invoeren van een koningin:

  1. Je doet de nieuwe koningin in een invoerkooitje waarvan de toegang wordt belemmerd met suikerdeeg. Pas nadat de werkbijen het suikerdeeg hebben weggegeten kan de koningin het volk inlopen.
  2. Je zorgt ervoor dat het ontvangende volk niet alleen (hopeloos) moerloos is, maar ook dat het vooral uit jonge bijen bestaat. Jonge bijen accepteren een nieuwe koningin sneller.
    1. Dit bereik je bijvoorbeeld door het ontvangende volk op een nieuwe plaats te zetten zodat de haalbijen (die georiënteerd zijn op de oude plek) zullen afvliegen. Je moet dan natuurlijk wel zorgen voor een ander volk op of bij de oude plek.
    2. Ook bevruchtingsvolkjes of schudzwermen bestaan uit alleen jonge bijen.
  3. Met behulp van een indrukkooitje.
  4. etc.

Na het aldus invoeren van een koningin (met name als er een grotere genetische afstand zit tussen de nieuwe koningin en het ontvangende volk[1]) moet na het aan de leg zijn van die nieuwe koningin nog wel een tijdje worden gecontroleerd of er wisseldoppen worden aangezet.

Voetnoten

  1. Bijvoorbeeld bij het invoeren van een buckfast- of carnicakoningin in een bastaardbijenvolk.