Tropilaelaps: verschil tussen versies

Uit Imkerpedia
Ga naar: navigatie, zoeken
 
Regel 1: Regel 1:
'''Tropilaelaps'''
+
__NOTOC__
 +
Het geslacht ''Tropilaelaps'' bestaat uit 4 soorten,
 +
* ''Tropilaelaps clareae'',
 +
* ''Tropilaelaps koenigerum'',
 +
* ''Tropilaelaps mercedesae'', en
 +
* ''Tropilaelaps thaii.
  
Het genus Tropilaelaps bestaat uit 4 soorten,
 
* Tropilaelaps. clareae,
 
* Tropilaelaps koenigerum
 
* Tropilaelaps mercedesae
 
* Tropilaelaps thaii.
 
  
 +
De oorspronkelijke gastheer is de reuzenhoningbij (''[[Apis dorsata]]''), maar ''Tropilaelaps'' kan ook in volken van
 +
andere soorten honingbij voorkomen. Zowel ''Tropilaelaps clareae'' als ''Tropilaelaps mercedesae'' zijn waargenomen en reproduceren in onze [[Apis mellifera|Westerse honingbijen]]. Tropilaelaps wordt niet in Nederland aangetroffen.
  
De oorspronkelijke gastheer is de reuzenhoningbij (''Apis dorsata''), maar Tropilaelaps kan ook in volken van
 
andere bijensoorten voorkomen.
 
  
Zowel ''T. clareae'' als ''T. mercedesae'' zijn waargenomen en reproduceren in Europese honingbijen.
+
De levenscyclus van ''Tropilaelaps'' in volken van onze Westerse honingbij is vergelijkbaar met de levenscyclus van
 
+
[[Varroa| Varroa destructor]]. Onder normale omstandigheden stappen 1 - 4 volwassen mijten in het bijenbroed die elk 1 á 2 nakomelingen produceren.  
Tropilaelaps wordt niet in Nederland aangetroffen.
+
 
+
De levenscyclus van Tropilaelaps in Apis mellifera volken is vergelijkbaar met de levenscyclus van
+
[[Varroa| Varroa destructor]].  
+
 
+
Onder normale omstandigheden stappen 1 - 4 volwassen mijten in het bijenbroed die elk 1 á 2 nakomelingen produceren.
+
  
 
De mijten hebben een voorkeur voor [[darrenbroed| darrenbroed]] ten opzichte van [[werksterbroed| werksterbroed]] (ratio: 3:1).
 
De mijten hebben een voorkeur voor [[darrenbroed| darrenbroed]] ten opzichte van [[werksterbroed| werksterbroed]] (ratio: 3:1).
  
Er worden net zoveel mannetjes als vrouwtjes geproduceerd.  
+
Er worden net zoveel mannetjes als vrouwtjes geproduceerd. Als een jonge bij uitloopt verlaten de volwassen vrouwtjes de broedcel. De onvolgroeide nakomelingen en de mannetjes blijven achter en gaan dood.  
 
+
Als een jonge bij uitloopt verlaten de volwassen vrouwtjes de broedcel.  
+
 
+
De onvolgroeide nakomelingen en de mannetjes blijven achter en gaan dood.  
+
  
 
De mijten verblijven hoogstens twee dagen op de volwassen bijen voordat ze weer in de broedcel stappen om zich voort te planten.
 
De mijten verblijven hoogstens twee dagen op de volwassen bijen voordat ze weer in de broedcel stappen om zich voort te planten.
  
Tropilaelaps clareae mijten zijn roodbruin van kleur en ze zijn kleiner dan varroamijten. De mijten zijn
 
ongeveer 1 mm lang en 0.6 mm breed en ovaalrond.
 
  
Tropilaelaps mercedesae ziet er hetzelfde uit maar is iets groter dan Tropilaelaps clareae.
+
''Tropilaelaps clareae'' mijten zijn roodbruin van kleur en ze zijn kleiner dan varroamijten. De mijten zijn ongeveer 1 mm lang en 0.6 mm breed en ovaalrond.  
  
 +
''Tropilaelaps mercedesae'' ziet er hetzelfde uit maar is iets groter dan ''Tropilaelaps clareae''.
  
  
 
==Verspreiding==
 
==Verspreiding==
  
De mijten kunnen zich op natuurlijke wijze verspreiden door [[vervliegen]], roven of [[natuurzwerm|zwermen van bijen]].  
+
De mijten kunnen zich op natuurlijke wijze verspreiden door [[vervliegen]], [[roverij|roven]] of [[natuurzwerm|zwermen van bijen]]. Dit is een langzaam proces. Door het verplaatsen van raten en bijen van het ene volk naar het andere kan een imker de verspreiding ongewild behoorlijk versnellen.  
 
+
Dit is een langzaam proces. Door het verplaatsen van raten en bijen van het ene volk naar het andere kan een imker de verspreiding versnellen.  
+
  
 
Transport van bijen is de snelste en meest voorkomende manier van verspreiding.
 
Transport van bijen is de snelste en meest voorkomende manier van verspreiding.
 
  
  
 
==Ziektebeeld==
 
==Ziektebeeld==
  
Een bijenvolk overleeft een besmetting met Tropilaelaps spp. niet.  
+
Een bijenvolk overleeft een besmetting met een van de soorten ''Tropilaelaps'' niet.  
  
 
Er treedt broedsterfte op en bijen die in het larvale stadium geïnfecteerd zijn geweest kunnen allerlei fysieke en fysiologische afwijkingen hebben.  
 
Er treedt broedsterfte op en bijen die in het larvale stadium geïnfecteerd zijn geweest kunnen allerlei fysieke en fysiologische afwijkingen hebben.  
  
De voornaamste afwijkingen zijn een kortere levensduur, verminderd lichaamsgewicht, kleiner abdomen en
+
De voornaamste afwijkingen zijn een kortere [[levensduur]], verminderd lichaamsgewicht, kleiner abdomen en
 
verschrompelde vleugels en poten.  
 
verschrompelde vleugels en poten.  
  
Regel 59: Regel 45:
  
 
De mijten zijn zichtbaar met het blote oog. Volwassen mijten rennen snel en onrustig over een raat en zijn daardoor gemakkelijk waar te nemen.
 
De mijten zijn zichtbaar met het blote oog. Volwassen mijten rennen snel en onrustig over een raat en zijn daardoor gemakkelijk waar te nemen.
 
  
  
Regel 67: Regel 52:
  
 
Dus door een broedloze periode zal de besmetting verdwijnen.
 
Dus door een broedloze periode zal de besmetting verdwijnen.
 
  
  
Regel 73: Regel 57:
  
  
 
+
==Navigatie==
 
'''Overzicht [[Bijenziekten en plagen]].'''
 
'''Overzicht [[Bijenziekten en plagen]].'''

Huidige versie van 8 nov 2011 om 13:36

Het geslacht Tropilaelaps bestaat uit 4 soorten,

  • Tropilaelaps clareae,
  • Tropilaelaps koenigerum,
  • Tropilaelaps mercedesae, en
  • Tropilaelaps thaii.


De oorspronkelijke gastheer is de reuzenhoningbij (Apis dorsata), maar Tropilaelaps kan ook in volken van andere soorten honingbij voorkomen. Zowel Tropilaelaps clareae als Tropilaelaps mercedesae zijn waargenomen en reproduceren in onze Westerse honingbijen. Tropilaelaps wordt niet in Nederland aangetroffen.


De levenscyclus van Tropilaelaps in volken van onze Westerse honingbij is vergelijkbaar met de levenscyclus van Varroa destructor. Onder normale omstandigheden stappen 1 - 4 volwassen mijten in het bijenbroed die elk 1 á 2 nakomelingen produceren.

De mijten hebben een voorkeur voor darrenbroed ten opzichte van werksterbroed (ratio: 3:1).

Er worden net zoveel mannetjes als vrouwtjes geproduceerd. Als een jonge bij uitloopt verlaten de volwassen vrouwtjes de broedcel. De onvolgroeide nakomelingen en de mannetjes blijven achter en gaan dood.

De mijten verblijven hoogstens twee dagen op de volwassen bijen voordat ze weer in de broedcel stappen om zich voort te planten.


Tropilaelaps clareae mijten zijn roodbruin van kleur en ze zijn kleiner dan varroamijten. De mijten zijn ongeveer 1 mm lang en 0.6 mm breed en ovaalrond.

Tropilaelaps mercedesae ziet er hetzelfde uit maar is iets groter dan Tropilaelaps clareae.


Verspreiding

De mijten kunnen zich op natuurlijke wijze verspreiden door vervliegen, roven of zwermen van bijen. Dit is een langzaam proces. Door het verplaatsen van raten en bijen van het ene volk naar het andere kan een imker de verspreiding ongewild behoorlijk versnellen.

Transport van bijen is de snelste en meest voorkomende manier van verspreiding.


Ziektebeeld

Een bijenvolk overleeft een besmetting met een van de soorten Tropilaelaps niet.

Er treedt broedsterfte op en bijen die in het larvale stadium geïnfecteerd zijn geweest kunnen allerlei fysieke en fysiologische afwijkingen hebben.

De voornaamste afwijkingen zijn een kortere levensduur, verminderd lichaamsgewicht, kleiner abdomen en verschrompelde vleugels en poten.

Bij een besmetting is in het broednest een hagelschot patroon te zien.

De mijten zijn zichtbaar met het blote oog. Volwassen mijten rennen snel en onrustig over een raat en zijn daardoor gemakkelijk waar te nemen.


Maatregelen.

Zonder broed overleeft een volwassen mijt hoogstens twee dagen op de bijen.

Dus door een broedloze periode zal de besmetting verdwijnen.


Bron: Bijengezondheid NBV


Navigatie

Overzicht Bijenziekten en plagen.